Het verhaal van de Gebedsnoot

De Gebedsnoot was al in gebruik in de eerste eeuw van onze jaartelling, Jezus liep nog rond op aarde. Dat werd mij duidelijk toen ik al jaren bezig was om gebedsnoten te maken. Tijdens een ontmoeting met een vluchteling vertelde deze man dat het gebruik van de gebedsnoot vandaag de dag nog steeds bekend is bij een christelijk orthodoxe (Aramese) kerk in Irak. Deze gemeenschap is ontstaan rond het jaar 70, dus bijna 2000 jaar oud. Dit was het gevolg van de vervolgingen van de eerste christenen in en om Jeruzalem. De gelovigen moesten vluchten en onderweg vertelden zij waarom zij tot geloof in Jezus waren gekomen. In dit geval was het begin van deze geloofsgemeenschap het resultaat van evangeliewerk van Jakobus, een discipel van Jezus. In het nieuwe testament van de Bijbel vind je het boek van Jakobus. In deze kerk is de gebedsnoot in gebruik sinds het begin van hun bestaan. De gewoonte bij deze gelovigen zou zijn dat deze gebedsnoot in een speciale zak van de toga van de priester wordt meegedragen en alleen in een heilig kerkelijk gebeuren, zoals Pasen, Pinksteren, Kerst, geopend werd. In tegenstelling tot de Oosterse Orthodoxe kerk, waar een zekere rust heerste, was er in de Europese christelijk kerk voortdurend beweging. Er gebeurden dingen waar je niet blij van werd. Dat gaf onrust waardoor men in het geheim ging samenkomen. In oprechtheid werd de levende God, Schepper van hemel en aarde, aanbeden, geëerd en de leer van zijn zoon Jezus onderwezen. In deze persoonlijke geloofsbeleving paste een voorwerp dat de drager ervan een diepe verbondenheid geeft met God de vader: de gebedsnoot, een reisaltaar.

 

Ik heb een onderzoekende instelling, ik wil weten en begrijpen. Dat maakt een soort pelgrim van mij. Niet het doel ergens te komen maar de weg erheen is een groot avontuur… Wat ik leer wil ik toepassen in werk, kunst en (be)leven. Met deze instelling ging ik naar Amsterdam.
In het Rijksmuseum te Amsterdam wees iemand mij eens op een voorwerp uit de middeleeuwen; een palmhouten bol. Deze was verdeeld in twee helften. De beide helften waren heel fijntjes uitgesneden zodat er duidelijke tafereeltjes te zien waren. Zo herinner ik mij de geboorte en kruisiging van de Here Jezus. De herders en de wijze mannen. De twee helften waren verbonden en konden scharnieren als een kastje. Het geheel zat in een koperen bol, die op zijn beurt weer in een leren buideltje zat. Het hele evangelie in een notendop. Het was duidelijk dat dit gemaakt was om mee op reis te nemen.
Na enige jaren ben ik op het idee gekomen om deze gebedsnoot op een andere manier weer tot leven te laten komen. Nu is het plat en blanco en de gebruiker kan zelf zijn/haar gebedsnood door middel van een naam, datum, symbool met pen in de noot schrijven. De noot is gemakkelijk op te bergen, zo draag je je gebed altijd bij je. Wanneer je gebed verhoord is of als je vindt dat het er lang genoeg in heeft gestaan, neem je een stukje schuurpapier en er is weer plaats voor iets nieuws.

Regelmatig worden oude gebedsnoten tentoon gesteld waardoor deze niet alleen een historische maar ook een educatieve rol vervullen.
In 2017 is de Internationale tentoonstelling “Small Wonders” te bezichtigen geweest in het Rijksmuseum in Amsterdam. Voor deze gelegenheid werden gebedsnootjes van mijn hand verkocht in de museumshop en meegenomen naar alle hoeken van de wereld. Een bijzondere inspirerende impuls voor duizenden bezoekers.
Deze reizende expositie “Small Wonders” was eerder al te zien in Toronto, Canada,(AGO, Art Gallery of Ontario) “the boxwood project”. Vervolgens in het MOMA (Museum of Modern Art, New York) en in Amsterdam. Begin 2022 in het Louvre in Parijs.

 

Rond het jaar 1500 waren er vooral in de zuidelijke Nederlanden ambachtslieden, kunstenaars actief, die zich, vaak in opdracht, bezig hielden met het maken van gebedsnoten. In Nederland was dat o.a. Adam Dirksz. Van deze houtsnijder liggen gebedsnoten in diverse uitvoeringen in Nederlandse musea, o.a. in Amsterdam (Rijksmuseum), Utrecht (Catharijneconvent). Je kunt gebedsnoten vinden in Bad Bentheim (D), Kopenhagen (DK), Moskou (RU), Toronto, New York, enz. Na mijn bezoek aan het Rijksmuseum in 1981 heb ik een ‘Nieuwe’ gebedsnoot ontworpen. Deze is eenvoudig uitgevoerd en bedoeld voor dagelijks gebruik.

enkele voorbeelden
De geometrische motieven zijn ongeveer 100 jaar geleden in dit hout gesneden. Rond 1900 – 1920 waren er tijden van crisis: werkeloosheid voor veel schippers, maar ook voor veel militairen. (Tijdens de eerste wereldoorlog deed Nederland er niet aan mee). Als nuttig tijdverdrijf was menigeen aan het houtsnijden.
Naast het decoratieve aspect hadden de gesneden patronen een religieuze betekenis: de sterren verbeeldden de sterrenhemel en de gevlochten knoop stond symbool voor de Eeuwigheid. Er is een overeenkomst met de Keltische patronen. Het centrale punt waar alles uit voort lijkt te komen kunnen we opvatten als de oorsprong van het leven, de schepping, God.

© Sundry Media 2026